Categories
tv

Acting by leaning

So far two episodes of Stephen Poliakoff’s Close to the Enemy have been broadcast. Tonight BBC 2 will show episode 3, of a total of seven. Up till now, the actor we’ve seen most of is Jim Sturgess. In his role as intelligence officer Callum Ferguson, his task – and not an easy one – is to ‘turn’ Dieter Koeler (August Diehl), a German engineer, into working for the British on a jet engine.

Eager to go on leave, ‘rather overdue’ after the Second World War has ended, Ferguson is certain he can handle his task, which comes in handy, since he is only given three weeks to do it. Ferguson is pretty full of himself and arrogant throughout. (At least, I hope it is part of the role Jim Sturgess plays, and that it is not the actor’s personality shining through.) Sturgess developed his own technique: acting by leaning. Whether it is a doorpost or a pillar, we rarely see him standing straight.

I made a collage of photo’s I took from my television screen, while playing the first two episodes. Stills are taken in chronological order.

jim-sturgess-leaning-ctte

Would it be contagious? Or does it run in the family? See how Victor Ferguson (Freddie Highmore) is waiting in the hotel lobby for his brother Callum.

2016-11-24_16-17-43_jt

Categories
koken moestuin

Tomatenchutney van onrijpe tomaten

Ik ben dol op tomaten, dus toen ik deze zomer serieus aan moestuinieren begon, wilde ik daar ook tomaten bij. Het beste zou zijn onder glas of plastic, om de planten te beschermen tegen regen. De regen zelf is niet het probleem – tomaten drinken veel – maar als het vochtig blijft rondom de tomatenplanten kan de pseudoschimmel Phytophtora zich goed verspreiden en dat betekent meestal het einde van je tomaten. Maar van een kas kwam het nog niet.

Geen probleem: de tomaten kwamen aanwaaien, misschien zelfs wel letterlijk. In mijn achtertuin heb ik twee verhoogde bedden gemaakt, dat wil zeggen twee moestuinbakken. In iedere bak deed ik aarde en compost en zaaide ik m’n rijtjes. Ruccola, radijs, doperwten en nog zo het een en ander, maar geen tomaten. Tot mijn verbazing kwamen die wel spontaan naar boven. Ik weet niet waar de zaden vandaan kwamen (misschien uit de compost), maar de planten deden het goed, in totaal wel tien. En verschillende rassen, gewone en kerstomaten, roodkleurende en ook die geel-oranje bleven als ze rijp waren. Een onverwacht succes. Alleen waren ze wat laat, en de tomaten die het laatst groeiden rijpten niet meer. Die bleven gewoon groen. Omdat het seizoen in oktober toch echt voorbij was, heb ik uiteindelijk de planten gerooid en de onrijpe tomaten op de vensterbank gelegd. Langzaam maar zeker kleurden ze bij. Lekker werden ze niet meer. Tijd voor chutney.

2016-11-15_20-14-10_jt

Zondag heb ik voor het eerst chutney gemaakt, een geweldige manier om onrijpe tomaten te verwerken. De zoetigheid komt van de suiker en de rozijnen, het zuur van de azijn, en de pittigheid van een rode peper.

Ik ben uitgegaan van de toevallige hoeveelheid tomaten die bij mij op de vensterbak lag: 555 gram (hieronder omgerekend naar een ‘normale’ hoeveelheid van een halve kilo – ik ben een pietje-precies, maar bij het koken werk ik op gevoel en ervaring. Al kook ik honderd keer hetzelfde, het smaakt nooit precies hetzelfde.). De rest van de ingrediënten heb ik daar op afgestemd, en daarbij moest ik nog even de deur uit om het keukenkastje weer aan te vullen. Mijn suiker is nu bijna op, na tien jaar wordt het tijd voor een nieuw pak van een kilo.

Recept voor tomatenchutney

Gereedschap

  • Steelpannetje van staal met dikke bodem, inhoud maximaal 1,5 l (andere pannen kan natuurlijk ook, maar ik wilde tegelijkertijd ook nog mijn avondmaal kunnen koken)
  • Geen deksel, er moet vocht verdampen tijdens het koken
  • Houten lepel om te roeren (vaak)
  • Snijplank en keukenmes
  • Schone, gesteriliseerde jampotten
  • Jamtrechter (of soepopscheplepel en op de koop toe nemen dat je een beetje knoeit bij het vullen van de potten)

Ingrediënten

  • 500 g tomaten (onrijp en rijp, naar keuze)
  • 2 of 3 rode uien (of gele), ca. 300 g
  • 50 g rozijnen (een handje)
  • 1 appel (2 of 3 mag ook, het beste is goudreinet of cox, liefst dus stevig en een beetje zuur; appels voegen pectine toe en maken het eindresultaat viskeuzer, stropiger, dus dat de boel samenhanged is, richting jam)
  • 150 g suiker (een theekopje net zo vol als dat er thee in dat kopje zou zitten; en rietsuiker of basterdsuiker, mag ook, maakt volgens mij geen fluit uit)
  • 150 ml wittewijnazijn (theekopje, zie hierboven)
  • 1 el zout
  • 1 rode peper
  • 20 g gember (een stuk zo lang als je duim)
  • 2 el geel mosterdzaad
  • 1 tl (afgestreken) kaneel
  • 10 kruidnagels (of 5 of 15, als je maar onthoudt hoeveel, dan kun je die er later weer uithalen)

Werkwijze

  • Tomaten, uien en appel in stukken snijden (niet te fijn)
  • Rozijnen heel of gehalveerd, ik heb de helft gehalveerd en achteraf denk ik dat dat niet nodig was
  • Gember en rode peper fijn snijden
  • Alle ingrediënten in de pan doen en aan de kook brengen. Eenmaal aan de kook, het vuur laag zetten en net zo lang laten koken tot de boel aardig ingedikt is. Het is makkelijk: eerst is het zoals gevulde soep en als je maar blijft koken en roeren (om te voorkomen dat de boel aan de bodem aanzet), kun je op een gegeven moment met je houten lepel een streep over de bodem trekken die dan heel even zichtbaar blijft. Klaar! Bij mij duurde het 2½ uur, nogal lang dus, want sommigen krijgen het in een uur voor mekaar. Misschien lukt het ook met minder azijn?

Potten vullen

Met bovenstaande hoeveelheid aan ingrediënten kon ik na koken twee jampotten vullen (eigenlijk een pot waar eerst pindakaas in had gezeten en een andere waar stroop in had gezeten). Bij elkaar schat ik 700 gram. Veel te weinig, want mensenkinderen, wat is dit lekker! Achteraf had ik de afzuiging niet aan moeten zetten, want dan had het hele huis er naar geroken. En het ruikt heerlijk, ook de volgende ochtend nog.

  • Maak je potten heel goed schoon, afwassen en eventueel met heet water en soda reinigen. Daarna goed afspoelen met schoon water.
  • Steriliseren door een kwartiertje in een oven (110°) te zetten met de opening naar boven. Deksels niet in de oven, maar overgieten met kokend water.
  • Vul de potten tot net onder de rand. Als je knoeit, met een keukenpapiertje de rand afvegen. Deksel even droogschudden en de pot ermee afsluiten. Daarna vijf minuten op z’n kop zetten en dan weer gewoon. Tijdens het afkoelen krimpt de lucht bovenin en zuigt de deksel zich vast (zelfs zo’n klikdeksel, leuk om te zien).

Wachten

Ik lees her en der dat je een maand moet wachten met opeten omdat de smaak dan nog rijker is. Dat is natuurlijk onmogelijk, een maand wachten. Met een van mijn potten lukt dat nog wel, maar die andere ga ik eerdaags open- en opmaken: het is nu al zo lekker. Nu nog bedenken waar ik het bij ga eten.

— UPDATE —

Ik heb me kunnen beheersen en anderhalve maand gewacht en de chutney laten rijpen. Maar met Kerst 2016 was het dan zover en heb ik mijn eerste pot aangebroken. De verrukking!

Lepeltje voor lepeltje werk in mijn weg naar de bodem van het potje. Heel lekker blijkt chutney bij bulgur, dat is voorgekookte gebroken tarwe.

Categories
cultuur tv

Lucy, ward

Stephen Poliakoff is renowned for television series with intricate relationships between the characters. I may have discovered an extra layer in the first episode of Close to the Enemy. It happened when I saw the credits, where the first name on the list was Lotte Koehler played by Lucy Ward. Now, it so happens that there was also a character named Lucy, played by Ciara Charteris. She is introduced by Alfred Molina in his role as Harold Lindsay-Jones with the words ‘This is my ward, Lucy.’

close-to-the-enemy-lucy-ward

Obviously a coincidence. But a nice one.

Categories
cultuur tv

Close to the Enemy

close-to-the-enemy-dieter-koehler-august-diehl
August Diehl in de rol van Duitse wetenschapper Dieter Koehler

Ik begin niet graag aan een tv-serie. Stel dat-ie goed is, dan wil je alle afleveringen zien. Zit je weer uren voor de televisie. De beslissing wel-of-niet-kijken wordt makkelijker als de serie niet zo lang duurt. Dat is het geval bij Close to the Enemy, niet meer dan zeven afleveringen. Gemaakt door een van de beste scenarioschrijvers en regisseurs die Engeland kent: Stephen Poliakoff.

In Nederland is Poliakoff weinig bekend, en dat is onbegrijpelijk. Hij maakt tv van hetzelfde niveau als bijvoorbeeld Dennis Potter. Die bracht jaren geleden met The Singing Detective televisie van ongekende klasse. Zijn (Potters) Pennies from Heaven was trouwens ook niet mis. Terug naar Poliakoff. Hij draait al een tijdje mee, want geboren in 1952. Mijn liefde voor zijn werk kwam toen ik zijn fantastische Shooting the Past zag. Daarna volgden onder andere het net zo geweldige Perfect Strangers en The Lost Prince. Ook Joe’s Palace mag er wezen.

close-to-the-enemy-callum-ferguson-jim-sturgess
Kapitein bij de Inlichtingendienst Callum Ferguson, gespeeld door Jim Sturgess

Behalve enkele trailers heb ik nog niks gezien van Close to the Enemy. Afwachten dus, of het wat wordt. Het verhaal speelt zich af aan het eind van de Tweede Wereldoorlog als Lotte en haar vader Dieter in Engeland aankomen. De Britse geheime dienst probeert de recent gevangen genomen Duitse wetenschapper Dieter over te halen zijn kennis in te zetten om een vliegtuigmotor te ontwikkelen. Tegelijkertijd werkt de afdeling Oorlogsmisdaden aan het voor het gerecht brengen van mensen die hun straf hebben ontlopen.

Donderdag 10 november 2016 is de eerste van zeven afleveringen, BBC 2, 22.00-23.00 uur (herhaling: zaterdag 12-11-2016 00.00-01.00 uur, dat is dus de nacht van vrijdag op zaterdag).