Categories
moestuin

Bonenschatkist

Bij Het goeie leven had Peter het over een Bohnenschatzkiste en over Corry. Corry blijkt Cordula Metzger uit Labenz (tussen Hamburg en Lübeck). De bonenschatkist, in het Duits eerder Bohnenschatztruhe genoemd, is een uitwisselingsproject van (de zaden van) bonen van over de hele wereld.

Het gaat op basis van vertrouwen: je stuurt Cordula bonen in een bubbeltjesenvelop (kijk op haar site om te weten waar behoefte aan is). Na een tijdje –  het kan even duren –krijg je andere bonen teruggestuurd, maar alleen als je de portokosten betaalt.

bonenschatzkiste
Bonen uit de schatkist van Cordula Metzger

Leve de biodiversiteit en lees meer over haar project op carpediem-living.blogspot.de. De Verenigde Naties heeft 2016 uitgeroepen tot het jaar van de peulvruchten. Nou is er van 2016 niet veel meer over, maar ook in 2017 en alle volgende jaren blijven ze gezond. Vergeet ze niet, die peulvruchten (al was het volgens Elise uit dezelfde aflevering van Het goeie leven soms terecht).

Kijk ook op de site van Anja Oetmann-Mennen die sieraden maakt van bonen: www.bohnenschmuck.de.

Wil je aflevering zeven van Het goeie leven terugzien, dat kan nog tot en met 1 november 20.35 uur.

Categories
koken moestuin tv

Tranen in de ogen van de lekkerste groentjes

De leukste televisie van het moment is Het goeie leven, te zien op één, of wat we vroeger België 1 noemden. Het is onmogelijk niet in een goede, pardon: goeie stemming te komen van dit in afleveringen uitgezonden programma. Ieders humeur knapt beslist op bij het zien van deze allervriendelijkste, gepassioneerde wedstrijdjes moestuinieren en koken.

Op een idyllisch plekje, een stuk grond achter een klooster in Drongen, net ten westen van Gent, legden zes koppels moestuinen aan om een variëteit aan groenten te kweken. Alles ecologisch.

Iedere week moet ook een maal gekookt worden met die zelfgekweekte groente, zo lekker mogelijk en op vuur, want gas of elektra ontbreekt. Die maaltijden worden beoordeeld door presentator en verwoed tuinier Wim Lybaert en iedere week een andere Vlaamse chefkok. Lybaert is een levensgenieter en kan ontroerd raken van een lekker maal, en smullen van de ‘groentjes’.

Je kunt als deelnemer wel winnen, maar niet verliezen. Iedereen mag gewoon blijven tot het eind. En dat maakt het programma zo aardig: twaalf sympathieke mensen die elkaar wat gunnen, twee aan twee geselecteerd uit liefst zevenhonderd. Voor de mooiste en vooral smakelijkste groente krijgt het winnende stel een riek, voor het beste eten een vork.

Leef mee met lerares Elise en postbode Paul, grote en kleine Bart, wildplukkers Peter en Tine, zussen Lut en Lieve, pottenbakkers Bert en Dirk (die ook nog speciaal borden en pannen bakken voor de diverse gerechten), en de jonkies Glen en Paulien.

Ook al heb je al zes afleveringen gemist: kijk toch maar. Met een beetje geluk koopt de Nederlandse publieke omroep de hele serie aan en zendt die dan voorafgaand aan het nieuwe tuinseizoen uit, zodat ook heel Nederland kan genieten en het grasveld achter omspit en sla, bonen of tomaten aanplant.

 

Categories
tuin

Goud op de grond

Wee de woordvoerder. Volgens een naamloze woordvoerder van de gemeente Arnhem (de Gelderlander, 2 augustus 2016) is er nu een extra service voor inwoners: de Green Bag, een grote zak met hengsels, van stevig plastic, vergelijkbaar met de big bags voor bouwafval. De Green Bag is er voor bladeren en snoeiafval. Je koopt zo’n zak bij de gemeente, je gooit ’m vol, maakt een afspraak en dan wordt die zak opgehaald. Maar extra service? Niks ervan, voorheen stonden er in de herfst bladkorven langs de weg. Grote bakken van gaaspanelen waarin je bladeren kon gooien. Je kon er vanalles in gooien, niet alleen bladeren, en dat gebeurde dan ook. Dat mocht niet. Was de buurt stout, dan kreeg de buurt eerst een gele kaart en als het tijd was voor een rode kaart, dan werd de hele bladkorf weggehaald. Triest, dat onverlaten rotzooi bij het afval gooien. Voor rotzooi is een vuilnisbak. Was een vuilnisbak. Liefst de helft verdween door bezuinigingen. ‘[VVD-wethouder] Van Gastel heeft de hoop dat de inwoners van Arnhem voortaan wel twee keer zullen nadenken voor ze hun afval op straat gooien.’ Nooit zomaar je afval op straat gooien, eerst er over nadenken. En dan nog een keer. Bij de VVD is bezuinigd op denkers.

Voor € 17,50 koop je een Green Bag, en een tweede (mits tegelijkertijd gekocht) voor € 3,–. ‘In Rheden wordt de Green Bag aangeboden voor een lager bedrag en daar loopt het goed,’ zegt Steffenie Pape, lid van de Commissie Economie, Energie en Milieu (Gemeentepagina Arnhemse Koerier, wo 19-10-2016). Dat lagere bedrag is € 2,50, ook voor de eerste zak. Bedankt voor de tip, Steffenie. ‘Het is afwachten of het in Arnhem eenzelfde succes wordt,’ vervolgt Pape. In Arnhem betaal je zeven keer meer. Wordt het een succes? Zeven keer raden. Ook mevrouw Pape is lid van de VVD.

De Green Bag is wit. Hij is ook niet Little, met zijn ene kubieke meter inhoud. Nu we het toch over George Baker hebben: van het bloedbad van Quentin Tarantino’s Reservoir Dogs is het maar een kleine stap naar de watersnoden van Bangladesh en dus kroop Baker met Douwe Bob in de studio voor een nieuwe opname van zijn hit om aandacht te vragen voor de Brinkercampagne. Die campagne draait om de Green Soil Bag, een jutezak – niet groen – met aarde en graszaden. Dek een dijk af met die zakken en uiteindelijk – is de hoop – krijg je een stevige groene dijk. Helaas zijn nog niet alle 50.000 ‘Brinkers’ verkocht (= gesponsord): ‘nog maar 9% te gaan’ en dat was bijna twee jaar geleden het laatste bericht.

Goudmijn

Blaadjes moet je ook helemaal niet weggooien. Het is goud wat er op de grond valt, althans dat wordt het als je er bladaarde van maakt. En bladaarde maak je zonder enige moeite door de bladeren te verzamelen, nat te maken en op een hoop te gooien. Schimmels doen het echte werk (en dat is een ander proces dan composteren). Om wegwaaien te voorkomen maak je je eigen bladkorf van bijvoorbeeld kippengaas en wat staken in de hoeken om het gaas overeind te houden. Die staken kun je weer van snoeihout maken of je gebruikt bamboestokken. Het kan nog eenvoudiger: vuilniszakken vullen met het blad, goed nat maken, onderin een paar gaten prikken om overtollig water te laten weglopen en dan die vuilniszakken in een verloren hoekje gooien en vergeten. Vergeten, zoals in ‘niet aan denken’. Het kan met gemak twee jaar duren voordat het bladaarde is. En dan heb je een prachtproduct waar je je compost luchtiger mee kunt maken of je aarde. Als het echt kruimelig is geworden dan kun je het gebruiken om je eigen zaaigrond te maken, door het te mengen met compost.

Bladaarde kun je maken van alle bladeren, zelfs van naaldhoutnaalden. Het maakt wel uit wat voor materiaal je gebruikt: naalden maken zure bladaarde, die goed is voor rododendrons, heide en bosbessen, terwijl loofhoutblad neutrale of basische bladaarde oplevert. De verrotting verloopt langzaam, het duurt eerder twee dan een jaar, en bij naalden al gauw drie jaar. Eikeblad verteert sneller dan beuk, maar details (en de bijbehorende meningsverschillen) bewaar ik voor een volgend stukje.

Overigens hoef je niet te wachten tot bladeren bladaarde zijn geworden. Je wilt niet uitglijden over een glibberige bladmassa op het tuinpad, dus veeg blad van het pad op de grond onder boom of plant en maak zo een laag die het leven in de grond beschermt tegen uitdroging en tegen vorst. Als je niets anders doet dan dit, is het toch de moeite waard. Voor ontsiering hoef je niet te vrezen: voor de lente goed en wel is aangebroken, hebben wormen en pissebedden de resten al de grond ingewerkt en verbeterd.

Categories
cultuur

Wilde muziek van Gustavo Santaolalla

Tot vandaag had ik nog nooit gehoord van Gustavo Santaolalla, althans niet bewust. Vandaag zag ik een documentaire en bij de aftiteling stond zijn naam onder het kopje Muziek. Santaolalla is namelijk musicus en componist van filmmuziek. Enkele uren later zag ik een animatiefilm, ook met muziek van deze Academy Award-winnaar. De documentaire heet Rewilding Europe en de animatiefilm Borrowed Time speelt zich af in het mythische Wilde Westen (van Amerika dus).

Maar daar blijft het niet bij. Want hij componeerde ook de muziek voor Into the Wild, voor Brokeback Mountain (de zachte kant van het Wilde Westen), en voor Wild Tales.

Categories
natuur

Ik zie ik zie wat ik niet zie

Uit het water stak een groot bot schuin omhoog. Echt een flink bot, mogelijk een dijbeen en zo groot als dat van een mammoet of misschien wel een dinosaurus. Ook was het heel donker, bijna zwart van kleur. Van iets dichterbij zag de grootste knobbel er opvallend uit. Even dacht ik aan een schildpad, maar sinds wanneer komen schildpadden in Nederland in het wild voor? Hoe dichter ik bij het bot kwam – dat inmiddels geen bot maar  boomstam bleek te zijn – hoe meer de knobbel op een schildpad leek. Het moest wel een kunstwerk zijn dat daar in het water lag, al was het een rare plaats voor een kunstwerk: midden in de natuur in een plas, misschien een voormalige kleiput, daar waar de Kekerdomsche Waard overgaat in de Millinger Waard. Veel kunstliefhebbers kon het niet trekken, want aan beide zijden van het pad, dat als een dijkje tussen twee plassen liep, was flinke begroeiing. Inmiddels was duidelijk dat het hier om een schildpad ging, maar niet of het een beeld of een levend wezen was. Ik liep voorzichtig het talud af, naar het water toe, de fototelefoon van M. bij de hand. De schildpad bewoog – traag – z’n kop. Op deze heerlijke herfstdag, zondag 16 oktober 2016, was het plots 20° en als koudbloedig dier gebruikte de schildpad dit moment om op te warmen. Totdat ik daar stond, bijna klaar om een foto te maken. Dat werd ’m (of ’r) teveel en met een plonsje verdween het reptiel in het water.

Thuis heb ik wat opzoekwerk gedaan. Schildpadden blijken in Nederland in het wild voor te komen, al blijft het een uitzondering. Sinds de laatste eeuwwisseling nemen de waarnemingen toe. Het gaat om ontsnapte danwel uitgezette beesten, voor voortplanting is het niet lang genoeg warm in de Nederlandse zomers. Dankzij de klimaatopwarming komt dat moment wel dichterbij: er zijn schildpadden gezien die eieren leggen. Voor een succesvol broedsel zou een periode van circa twee maanden nodig zijn waarin het constant 30° is. Aangezien het zover nog niet is (en laten we hopen dat dat zo blijft), zijn er geen waarnemingen bekend van uitgebroede eieren.

Bronnen:

Categories
cultuur

Gold of Amsterdam

Many a town in the Netherlands ogles Amsterdam for its seemingly magnetic pull on tourists. Amsterdam, on the other hand, is having mixed feelings about the ever increasing influx of people, drawn to its inner city. One of the most famous streets, the Kalverstraat, had to be closed down temporarily twice already, because of overcrowding. This unprecedented measure was taken once shop visitors were unable to leave, not because exits were locked, but simply because too many people were walking the street.

To lure foreign tourists out of Amsterdam, neighbouring towns are resorting to marketing tricks by ‘Amsterdamming’ their attractions. Amsterdam has no beaches, so now Zandvoort likes to call itself Amsterdam Beach. The Muiderslot at Muiden sees nothing wrong with naming it Amsterdam Castle. And although every Dutch child remembers being dragged along thousands and thousands of stupid tulips on a rainy day at the Keukenhof near Lisse, that now is promoted as Flowers of Amsterdam.

It is not just tourists the rest of the Netherlands is after, apparently also bankrobbers. The central bank of the Netherlands, DNB, has announced its plans to move its gold reserves and banknotes to Camp New Amsterdam, located at the former military air base Soesterberg. Hold your horses (and your guns), though, for it is not until 2022 that the new Cash Centre will have been finalised. In the meantime, there is this other New Amsterdam, better known as New York, where 31.3 percent of the Dutch gold is stored.

Categories
cultuur taal tv

Landelijk

Gisteravond was Dorsvloer vol confetti op tv, een film naar het gelijknamige boek van Franca Treur. Goeie film en origineel inkijkje in de wereld van een protestantse samenleving in Zeeland.

Het is het verhaal van een meisje op een boerderij. En dat is nou het aardige, de hoofdpersonen worden gespeeld door acteurs met landelijke achternamen, geheel bijpassend:

  • Dochter, Hendrikje Nieuwerf – nieuw erf
  • Moeder, Suzan Boogaerdt – boomgaard
  • Vader, Steven van Watermeulen – watermolen
Categories
moestuin tuin

Naakt de vriezer in

Kaalgevreten hosta’s, alsof je vitrage in je tuin hebt staan, ik had er niet zoveel last van. Een beetje geknabbel en dat was het. Vlinders zag ik net zo graag als ieder ander en als rups zag ik ze zelden. Spuiten met gif of strooien met slakkenkorrels, nee, daar doe ik niet aan. En toen begon ik dit jaar met moestuinieren. Op kleine schaal, twee verhoogde bedden in de vorm van twee zelfgemaakte moestuinbakken.

Zelfgemaakte moestuinbakken van douglas-planken
Zelfgemaakte moestuinbakken van douglas-planken

Ik spuit nog steeds niet, en dat ga ik ook niet doen. Maar maatregelen bleken nodig, want de rucola, de paksoi en de net gezaaide sperziebonen verdwenen in naaktslakkenmagen, terwijl het koolwitje zich uitleefde op de broccoli. Ik ging ’s avonds met een mijnwerkerslamp (een zaklamp met een elastieken band) op mijn hoofd de tuin in en verzamelde de slakken in een leeg margarinekuipje. Dan, hup, dat kuipje in het vriesvak en ’s ochtends konden de slakkenklompjes op de composthoop. Dat werkte prima.

En de rupsen van het koolwitje, ach, volgend seizoen doe ik een netje over de koolgewassen en dan is dat probleem ook opgelost. Maar waar ik niet op had gerekend, was dat koolwitjes niet eenkennig zijn. De broccoli stond er zo treurig bij, zo kaalgevreten, dat de planten op de composthoop gingen. Toch bleef het koolwitje rondfladderen. Toen M. de rucola opnieuw zaaide, niet in de moestuinbakken maar in potten, om mij het slakkenverzamelen te besparen, heeft dat koolwitje dat goed gemerkt (en ik iets te laat). Want aan de onderkant van zo ongeveer ieder blaadje legde de vlinder minuscule eitjes, en uit die minuscule eitjes kropen piepkleine rupsjes in exact dezelfde groene kleur als het blaadje. Die piepkleine rupsjes hebben een reuzehonger, voor mij bleef voorgekauwd eten over. Dus in plaats van in een handomdraai slakken te verzamelen, moest ik nu heel nauwgezet eitjes wegvegen. Dat werkt gelukkig wel.

Waarom die slakken in de vriezer? Tja, het zijn flinke beesten en erop gaan staan vind ik akelig voor die beesten en bovendien een smeerboel. Van kreeften weet ik dat een vriesdood gezien wordt als ‘humaan’. De term vind ik raar, maar het principe goed, zijnde een enorme verbetering ten opzichte van levende beesten in kokend water gooien. Wat goed is voor kreeften – waarbij ‘goed’ natuurlijk ‘minst slecht’ is, moet goed zijn voor slakken.

Categories
taal

Vertaal het lekker zelf

Terwijl de rest van de wereld mokkend rond een knapperend haardvuur zit, is het in Nederland gezellig. Dit is altijd zo geweest, want gezelligheid kent geen tijd. Ach arme rest van de wereld: vertaal gezellig, dan kunnen jullie ook meegenieten. En anders mogen jullie het woord best van ons lenen. We gaven jullie al apartheidbaas en koevoet.

Vooruit, laat gezellig onvertaalbaar zijn of in ieder geval niet-zo-goed vertaalbaar. Het omgekeerde wordt ook vaak geroepen, dat een woord uit een andere taal niet in het Nederlands vertaalbaar is. Dat is te gemakkelijk.

Beatrice de Graaf schrijft in haar NRC-column van za. 8-10-2016 over Vergangenheitsbewältigung (een begrip waar haar column om draait) ‘een vertaling is er niet’. Pak je het woordenboek, dan vind je een uitleg in zes woorden: ‘het innerlijk verwerken van het verleden’. Maar dat in dat woordenboek, Van Dale Middelgroot woordenboek Duits-Nederlands, 2e editie 2015, niet een vertaling in één woord staat, wil nog niet zeggen dat dat niet te bedenken is. Ik kwam, zonder mijn hersens erg te moeten pijnigen, met geschiedverwerking. Ik bleek niet de eerste en ook niet de enige. En als je even googelt dan vind je links naar nog enkele publicaties waar geschiedverwerking in voorkomt.

Een vertaling mag je gewoon zelf bedenken. Het kan een tijdje gekunsteld overkomen, maar uiteindelijk went het en heb je je moedertaal verrijkt.

Tegen de tijd dat ik nog andere voorbeelden heb gevonden, zal ik ze hier vermelden.

Categories
politiek

Driekwart, daarvan tweederde

In het voorbije halfjaar zijn er wereldwijd referenda gehouden waarbij de opkomst mager was of waarbij het verschil tussen voor- en tegenstanders klein was. En soms beide.

  • In Colombia werd het reeds gesloten vredesakkoord tussen regering en de FARC verworpen door het referendum van 2 oktober 2016.
    Opkomst: 37%, uitslag: 50,2% tegen het akkoord, 49,8% voor het akkoord.
  • Het referendum over de Brexit in het Verenigd Koninkrijk was op 23 juni 2016.
    Opkomst: 72%, uitslag: 52% uit de EU, 48% in de EU blijven.
  • In Hongarije bedacht de president een referendum om onder afspraken in EU-verband over de opname van vluchtelingen uit te kunnen komen. Datum : 2 oktober 2016.
    Opkomst: 44%, uitslag: 98% is xenofoob, 2% is fatsoenlijk. Het referendum is ongeldig doordat de vereiste 50% opkomst plus één stem niet is gehaald, maar dat interesseert President Orbán weinig.
  • Nederland kende zijn eigen eerste nationale referendum op 6 april 2016, ook al was dat slechts ‘raadgevend’, dus voor spek en bonen. Kort voordat het referendum gehouden wordt, blijken de initiafnemers charlatans die misbruik maken van de mogelijkheid om een referendum te houden en niet geïnteresseerd zijn in Oekraïne en het liefst zouden stemmen over een vertrek uit de EU.
    Opkomst: 32% (drempel: 30%), uitslag: 61% tegen het associatieakkoord met Oekraïne, 38% voor.

Er zijn niet-stemmers die niet stemmen omdat ze dan niet voor de tv kunnen blijven hangen. Dat weerhoudt deze luiaards er niet van om na afloop te gaan klagen over de uitkomst. Deze postactieven negeer ik verder.

Onder de niet-stemmers zijn ook mensen die tegen het referendum als politiek instrument zijn. Niet-stemmen is een voor de hand liggende keuze, ook al ban je daarmee het referendum niet uit de politiek. En de consequenties blijven onveranderd voor de hele samenleving, en niet slechts voor de stemmers.

Dan zijn er mensen die zich keren tegen gelegenheidsreferenda, zoals het Oekraïnereferendum. Zij verkeren in een lastig parket: door thuisblijven geven ze uiting aan hun afkeer, en drukken ze het opkomstpercentage. Dat laatste is alleen effectief als de opkomst onder de drempel blijft, en dat is onzeker. Wel gaan stemmen kan helpen genoeg tegenwicht te bieden, misschien zelfs in voldoende mate. Maar je vergroot het opkomstpercentage, mogelijk zelfs boven de vastgelegde drempel, wat voor deze groep mensen onwenselijk is.

Nog niet zo lang geleden was er een opkomstplicht in Nederland. In 1970 werd die afgeschaft, en in de praktijk kon je je natuurlijk onttrekken aan het daadwerkelijk kiezen, door een blanco of ongeldig gemaakt biljet in de bus te stoppen. We hebben nog wel een opkomstdrempel, maar die ligt in Nederland bij raadgevende referenda zo laag (30%), dat het geen betrokkenheid bij de democratie afdwingt. En als vervolgens een simpele meerderheid (dus 50% plus minstens één stem) voldoende is, dan kan bij een lage opkomst – en daar is al jaren en op steeds meer plekken sprake van – een klein deel van de bevolking de doorslag geven.

Referenda zijn misschien wel helemaal niet zo’n goed idee, lees de New York Times of NRC Handelsblad, maar daarmee zijn ze nog niet verdwenen uit het politieke landschap.

Stel dat we het volgende doen:

  1. Leg de opkomstdrempel bij een referendum op 75%.
  2. Stel een gekwalificeerde meerderheid in van tweederde, zoals dat ook het geval is bij grondwetswijzigingen.

Wordt onder deze voorwaarden het referendum gehaald, dan krijg je de uitkomst dat de helft van alle kiesgerechtigden (dus niet alleen de mensen die zijn gaan stemmen) gekozen heeft voor de voorgelegde vraag. Want: ⅔ * ¾ = ½ (voor het geval dat deze breuken niet goed weergegeven worden: 2/3 maal 3/4 = 1/2).
Bij het Oekraïnereferendum was nog niet eens een op de vijf kiezers tegen het associatieverdrag (61% van 32% is 19,5%).

Er zijn allerlei tegenwerpingen te bedenken tegen deze opzet. Bijvoorbeeld: de opkomstdrempel is zo hoog, dat het de vraag is of die ooit nog gehaald wordt. Dat is dan gelijk een effectieve manier om flauwekulreferenda, zoals dat onzalige Oekraïnereferendum, te torpederen. Maar lukt het wel, en slaagt zo’n referendum, dan heb je dus minstens de helft van alle kiesgerechtigden achter je, en van degenen die zijn gaan stemmen dus minstens twee op de drie. Dat moet de democratie toch goed doen.